De aankomst in Zaventem luchthaven: december 2018-februari 2019
B is een jonge Palestijn die samen met zijn 1 jaar oudere broer asiel heeft aangevraagd in België begin december 2018. Hij was toen nog maar net 19 geworden.
Beiden zijn met het vliegtuig toegekomen in Zaventem en hebben toen 2 en een halve maand in het gesloten asielcentrum van de luchthaven gezeten. B haalt aan dat het centrum over goede, nette kamers beschikte, correct eten, alleen geen vrijheid van beweging.
Gedurende deze bijna 3 maanden werden van B 3 interviews afgenomen, voordat hij het centrum mocht verlaten om zich officieel te gaan aanmelden bij het klein kasteeltje voor zijn asielaanvraag.
Zwalpen tussen het Gesloten Centrum, het Klein Kasteeltje, Samusocial en het Open Centrum: Februari 2019
Twee en een halve maand in een gesloten asielcentrum verblijven, om dan voor gesloten deuren van het Klein Kasteeltje toe te komen. Hun aanvraag kon dizelfde dag niet worden behandeld. Geen asielaanvraag betekent ook geen huisvesting. Beide instellingen staan duidelijk niet met mekaar in contact, de overlast is voor de kandidaat asielzoeker.
Noodgedwongen hebben ze hem en zijn broer doorverwezen naar Samusocial, een daklozenvereniging waar hij de de nacht kan doorbrengen. Met 14 op een kamer. Durfde nauwelijks zijn schoenen uit te doen uit vrees dat iemand anders ermee zou gaan lopen. De net herwonnen vrijheid komt met een prijs.
Daags nadien keren ze terug naar het Klein Kasteeltje, waar hij & zijn broer zich laten registreren als politiek vluchteling. Na registratie worden ze doorverwezen naar het ditmaal open asielcentrum in Zaventem. We zijn dan begin 2019. Geen geld, geen telefoon, geen kennis van de taal. Kamers van 4. Brood, bed & bad. Plus 7€/week dat kon aangevuld worden met werken ter plaatse à rato van 2€/uur.
En met veel onzekerheid over hoe de asielprocedure daadwerkelijk zou verlopen.
De asielprocedure in werking: Februari 2019 – Oktober 2019
Een lichtpunt voor B is dat hij zich kan inschrijven voor de lessen Nederlands bij het CVO vanaf april 2019.
Maar even enkele weken terugspoelen. We zijn nu bijna einde maart 2019. Karolina, de hen toegewezen sociaal assistente houdt zich actief bezig met beide broers. Bij gebrek aan nieuws rond de asielaanvraag vraagt ze zelf de status van hun asielaanvraag op. Deze blijkt reeds eind februari te zijn uitgesproken en per post te zijn doorgestuurd …naar het gesloten asielcentrum in Zaventem. Niemand die zich bekommert of de beslissing ooit persoonlijk bij de betrokkenen is geraakt. Dankzij een pro actieve sociaal assistente bekomen ze weken na de formele uitspraak het resultaat: negatief.
Na een negatieve uitspraak heeft de kandidaat 30 kalenderdagen om beroep aan te tekenen. Door de bureaucratische misser zijn er echter kostbare weken verloren gegaan. We zijn einde maart, hun toegewezen advocaat bevindt zich in het buitenland en kan zich niet met het dossier inlaten. Samen met de sociaal assistente wordt er snel naar een nieuwe advocaat gezocht. Op de dag voor de deadline wordt het beroep formeel aangetekend.
B start dan begin april 2019 met een min of meer gerust gemoed aan zijn eerste Nederlandse lessen.
Het duurt tot juli 2019 voordat ze terug contact hebben met hun advocaat. Die legt hen uit dat er een fout is gebeurd. Het beroepsdossier werd in het Nederlands ingediend, terwijl het oorspronkelijke dossier in het Frans was opgesteld. De advocaat kon niet vertellen wat ze nu mochten verwachten, ze zouden de rechtszitting moeten afwachten. Deze staat gepland voor na de zomer.
We bevinden ons in de zomer van 2019, B start in de fruitpluk en geniet van het werken in de zon. Hij wil extra geld sparen omdat hij zijn vervolglessen Nederlands wil opstarten bij het ILT te Leuven dat kwalitatief beter is en sneller vooruit gaat. Dat kost hem 210€, een extra motivatie om bij te verdienen. Van zijn eerste geld koopt hij zich ook een fiets. Het plezier is echter van korte duur, zijn fiets wordt kort na aankoop gestolen.
Eind september 2019 wordt de zitting gehouden over het beroep. Deze is voorbij voordat ze het beseffen, advocaat en rechter wisselen gedurende slechts enkele minuten wat woorden, en dan wordt de zitting opgeschort. Het is wachten tot 2 weken later om te vernemen dat het dossier vormelijk niet werd aanvaard omwille van de taalkwestie.
Het beroep is daar dan ook mee verworpen zonder de grond van de zaak zelfs maar te bespreken. De gebroeders zijn formeel verplicht om het grondgebied te verlaten, tenzij ze een 2de asielaanvraag indienen. Maar gedurende deze periode hebben ze geen recht op opvang. Zolang hun nieuwe aanvraag niet ontvankelijk wordt verklaard, staan ze er alleen voor.
De 2de asielaanvraag – over onontvankelijkheid en rechters die zich niet kunnen uitspreken: Oktober 2019 -September 2021
Karolina, hun sociaal assistente doet het nodige om binnen Fedasil een uitzondering aan te vragen zodat ze niet op straat zouden belanden. Tegen alle verwachting wordt de uitzondering geweigerd door het hoofd van Fedasil. Dat ze louter om vormelijke redenen zich in deze situatie bevinden, is geen verzachtende omstandigheid. Noch voor de wetgever, noch voor de administratie van Fedasil.
Kort daarop gebeurt er evenwel een switch aan de top van Fedasil waarna de sociaal assistente de aanvraag opnieuw indient, ditmaal wel met goed gevolg.
B is ondertussen gestart met zijn Nederlandse lessen aan het ILT in Leuven in november 2019 en kan parallel blijven verder werken.
Het eerste interview met het Commissariaat voor de vluchtelingen was gepland in de loop van oktober, maar wordt tot 3 maal toe uitgesteld, uiteindelijk gaat het interview door ergens eind januari.
De tijd gaat voorbij zonder veel nieuws. Zijn oranje kaart, een tijdelijk id, is telkens maar 4 maanden geldig, en vervalt in februari. Hij moet noodgedwongen stoppen met werken. Het is niet de eerste maal, en het zal ook niet de laatste keer zijn.
Het is op 16 maart 2020, de dag van de lockdown, dat hij melding krijgt dat zijn asielaanvraag niet ontvankelijk wordt verklaard. De ontvankelijkheid is de eerste stap om de procedure van de vernieuwde asielaanvraag daadwerkelijk te kunnen opstarten.
Het dossier wordt verworpen op basis van data die niet consistent waren tijdens de diverse interviews. B geeft me mee dat hij deze nochtans heeft gecorrigeerd in een verdere gesprek, maar zonder gevolg.
Na verwerping heeft B slechts 10 dagen recht om opnieuw in beroep te gaan. We tekenen dus maart 2020, corona is net gestart, de wereld ook buiten het asielcentrum lijkt even stil te staan. B beslist om contact op te nemen met zijn eerste advocaat, die opnieuw zijn dossier behartigt.
Ondertussen gaat zijn broer psychologisch achteruit. Praat voortdurend in zichzelf, krijgt woedeaanvallen, is niet steeds voor rede vatbaar. Na een incident moet hij het centrum in Zaventem verlaten en wordt hij naar een ander centrum doorverwezen. Dat gaat maar enkele maanden goed, tot hij ook daar aan de deur wordt gezet. Hij slaapt noodgedwongen op straat. Via zijn sociaal assistente zoeken ze een oplossing via daklozenverenigingen, maar omwille van Corona blijkt dit zeer moeilijk. Uiteindelijk wordt hij toch opgevangen in een 3de centrum.
B dringt via de assistente aan dat ze hem bij volgende incidenten moeten colloqueren, wat ook gebeurt. Uiteindelijk zal de broer in 4 verschillende instellingen hebben gelogeerd.
Maar ook voor B wordt het mentaal zwaar. Negatief advies, geen oranje id kaart meer; mag dus noch werken noch lessen volgen. Hij heeft exact 10 dagen om zijn beroep aan te tekenen met zijn voormalige advocaat.
Het dossier wordt in augustus door de rechtbank uitgesproken, en het kan zich niet vinden in de argumenten tot onontvankelijkheid. De rechtbank stuurt het dossier dan ook terug naar het commissariaat.
En dan duurt het tot november 2020 totdat er een negatieve uitspraak wordt betekend door het vluchtelingen commissariaat, opnieuw onontvankelijk
B overlegt met zijn advocaat rond het opstarten van een beroepsprocedure bij de rechtbank. Hij kan gelukkig blijven verder werken en zijn studies verder opnemen. Hij werkt dan nachten tot 4 uur ’s ochtends en volgt Nederlandse les van 9 tot 12 ’s ochtends. B werkt keihard aan zijn toekomst. Er is ook goed nieuws. Veel Palestijnen in het centrum die via het commissariaat een negatief advies kregen, kregen in beroep gelijk en konden hun leven heropnemen. Voor het eerst ziet B het rooskleurig in.
Op 24 maart 2021 is de zitting in beroep, met een uitspraak ten gronde. De rechter spreekt uit dat hij zich evenwel niet kan uitspreken. Het commissariaat had immers 1 dag daarvoor al haar negatieve uitspraken voor Palestijnse vluchtelingen terug ingetrokken voor vernieuwd beraad.
B heeft het gevoel grip op zijn leven te verliezen. Zijn broer kampt met psychische problemen. De asielprocedure biedt geen houvast en wordt een bureaucratische uitputtingsslag. Ook Karolina, zijn eeuwige toeverlaat en zorgpersoon op wie hij kon bouwen maakt promotie en verdwijnt uit zijn leefwereld. Tot slot raakt hij betrokken in een bedrijfsongeval waardoor hij anderhalve maand buiten roulatie is.
Het enige waar hij zich kan aan optrekken zijn zijn Nederlandse lessen.
B is begonnen aan lesniveau 3. Eén van de kamertjes in het asielcentrum die normaliter altijd gesloten is, wordt op een dag vergeten om af te sluiten. B installeert zich in de kamer om er te studeren. Het is de enige plek waar hij zich even kan afzonderen om zijn hoofd leeg te maken en zich volledige op het Nederlands te zetten. Hij wordt echter ‘betrapt’, er wordt een rapport gemaakt – evenwel zonder gevolg. Een vluchteling penaliseren omdat hij studeert gebeurt net niet. Hij slaagt trouwens op zijn examen.
B schrijft zich onmiddellijk in voor niveau 4 dat van start zou gaan in september. In juni wordt zijn oranje kaart dan om onduidelijke redenen opnieuw ingetrokken, maar gezien hij zich reeds had ingeschreven gebeurt er geen controle meer.
Geen kaart, geen werk, de lessen die pas in september starten. B voelt ook aan dat de uitspraak die er staat aan te komen de beslissende wordt. In augustus staat hij op het punt om een hongerstaking te starten. Na een telefoon met zijn vader, overtuigt hij hem ervan om de uitspraak af te wachten.
Op 13 september oktober 2021, de dag dat zijn zus bevalt in Palestina, ontvangt hij de brief die de rest van zijn toekomst zal bepalen. De vele jaren onzekerheid komen hier aan een einde, B krijgt een verblijfsvergunning toegewezen. Het geluk is dubbel. Zijn zus noemt haar zoon naar haar broer B.