Oké, hoe begin ik eraan. Ik zal starten met de mededeling dat ik me in deel 1 best wel terug vond. Deel 2 werd ik heen en weer geslingerd tussen ‘ik ben het hier volmondig mee eens’ en ‘dit leest als een reactionair pamflet’.
De opsplitsing tussen de diverse categorieën van identiteitsstreven komt uitgebreid naar voren in deel 2. En het stoort niet omdat het een goed kader biedt. Elchardus maakt zoals verwacht een onderscheid tussen klein en groot identiteitsstreven. Zoals je kan vermoeden is groot grootser dan klein. En klein is een beetje zoals in kleinzielig. Ik gebruik expliciet de bewoordingen groots en kleinzielig, niet omdat Elchardus zelf deze woorden gebruikt, maar omdat hij er zich impliciet zo over uitlaat.
En zelfs daar heb ik geen probleem mee, want ik stap in grote delen wel mee in zijn logica.
Elchardus heeft in deel 1 uitvoerig beschreven dat de verlichting de mede oorzaak van is dat het individu zich van de maatschappij heeft gekeerd, en dat dit de basis vormt van het neo liberale denken dat zich over de wereld spreidt vanaf de jaren 70. De gemeenschap, en bij uitbreiding de natie, werd ondergeschikt bevonden aan het individu, dat ten allen tijde vrij moest zijn van elke regelneverij.
Een nieuwe intellectuele klasse is opgestaan, en heeft dit vertaald in de ambitie om kapitaal, goederen & diensten én mensen volledige vrijheid van verkeer toe te staan. Streven naar een identiteit gelinkt aan de natiestaat werd beschouwd als een relikwie uit het verleden. De natiestaat wordt niet meer beschouwd als het fundament van de volkssoevereiniteit, vanaf heden zou het individu er beter van worden door alles wat de natie voordien controleerde, af te bouwen en de wetten van de natuur haar werk te laten doen. Het Europese eenmakingsproces, de val van Breton Woods, de almacht van instituties zoals het IMF & De Wereldbank, etc. moeten in dit licht worden gezien.
De intelligentsia & het volk kan echter niet volgen, en omdat identiteitsstreven inherent deel uitmaakt van de menselijke natuur, hebben velen hun toevlucht gezocht tot wat Elchardus klein identiteitsstreven noemt. Een identiteit dat gelinkt is aan een particuliere eigenschap zoals geslacht, ras, seksuele voorkeur, gender, etc.
Hij maakt het onderscheid met groot identiteitstreven zoals natie, geloof of klasse. Deze laatsten hebben inherent tot doel om een wereldorde te scheppen, een gemeenschap te vormen waar politiek kan worden beleden, het volk zijn leven kan leiden binnen een raamwerk waar ieder zich als burger gebonden voelt door de gemeenschappelijke identiteit.
Het is in het hoofdstuk klein identiteitsstreven dat Elchardus de eerste keer zijn duivels ontbindt. Het duurt tot bladzijde 240 (mijn e-versie) dat de eerste keer dat vervloekte woord woke valt. Nog steeds ben ik mee met Elchardus, maar wat me in dit hoofdstuk stoort is de anekdotiek.
De excessen van woke beroeren veel debatten, en niet iedereen is het er over eens dat dit fenomeen enige vermelding waard is in het openbare debat. Als er al een probleem met woke is, dan stellen non believers van het woke debat:
· Het is vooral een topic en probleem binnen de Angelsaksische wereld
· En zijn de (identitaire) problemen die door ‘niet woke’-identiteiten worden veroorzaakt niet een veelvoud erger dan de excessen van het woke gebeuren?
Ik kan ten dele in deze argumentatie inkomen, daarom dat ik met veel verwachting ben beginnen lezen hoe Elchardus zich positioneert. Elchardus staat ook hier (terecht) stil bij de vaudeville rond de vertaling van Amanda Gorman’s ‘The hill we climb’, waarbij een ‘blanke’ ‘vrouw’ als ongeschikt werd bevonden om een ‘zwart’ gedicht te vertalen.
Maar het blijft bij anekdotes. Herinner u hoe ook Luc Sels in zijn openingsspeech van het Leuvense academiejaar heeft verwezen naar de gevaren van woke. En naar exact hetzelfde voorbeeld refereerde (in Nederland nota bene). En dat doet toch de vraag rijzen, hoe erg is het gesteld met de problemen van dat klein identitair denken dat we tot in den treure toe naar dezelfde cases moeten verwijzen en geen voorbeelden dichter bij huis vinden? Ja, voorbeelden zat op Twitter. Maar wordt het niet gewoon extreem uitvergroot op een platform zoals Twitter en wordt dit virtuele conflict niet op een kunstmatige wijze naar de reële wereld geïmporteerd?
Mijn punt is niet dat ik hem ongelijk geef, mijn punt is dat hij geen enkele wetenschappelijke onderbouwing voorlegt aan de lezer en dezelfde verhalen worden herkauwd. Ik heb als lezer het gevoel een pamflet te lezen, en niet een door wetenschappelijke feiten doorwrongen standpunt van een erudiete professor. Ik wil hem gelijk geven, maar waar is de wetenschappelijke onderbouwing van dit fenomeen? En dat stoort me omdat dit soort van literatuur de inzichten in het woke gebeuren in Vlaanderen en bij uitbreiding gans West Europa niet ten goede komen.
Mijn onbehagen wordt echter volkomen bij het lezen van het hoofdstuk rond groot identiteitsstreven. Het betoog is dat er 3 grote vormen van identiteitsstreven zijn, nl. natie, klasse & religie. Grote religies zoals de islam en het christendom zijn imperialistisch van aard. Dat verklaart bijv. in het christendom dat in de middeleeuwen de vorsten & koningen ten allen tijde ondergeschikt waren aan de kerk in Rome, deze laatste haar heerschappij strekte zich immers uit over de grenzen heen. Hetzelfde kan van de Islam worden gezegd, een voorbeeld hiervan zijn bijv. de geldstromen die vanuit de islamitische wereld gepompt worden in het Westen om de moslim migranten te ondersteunen in het belijden van hun geloof. Beide voorbeelden geven aan dat religie inherent niet gebonden is aan territorium.
De natie daarentegen koppelt identiteit aan territoriale soevereiniteit.
Wat zo onderscheidend is tussen natie en andere grote identiteitsstreven, is dat de natie het product van de mens is, terwijl religie een god nodig heeft. De natie is als het ware een product van het humanisme, waar de mens centraal staat, andere (grote) identiteitsvormen zijn daarentegen anti-humanistisch.
En het is die passage die Elchardus er tussen glipt om regelmatig de superioriteit van dit natie-identiteitsstreven uit te roepen.
In deel 1 heeft hij een hoofdstuk gewijd die gedetailleerd aangeeft dat de natie alleen maar belangrijker is geworden in de 2de helft van de 20ste eeuw. Er zijn alleen maar meer nieuwe staten ontstaan, alleen mar meer nieuwe grenzen getrokken, alleen maar meer grenzen versterkt, etc. kortom de natiestaat is alleen maar belangrijker geworden. De waarneming is dat naties belangrijker zijn geworden, maar dat de wetenschappelijke literatuur rond dit onderwerp achterop hinkt, en net het tegengestelde orakelt, het einde van de geschiedenis predikend. Hij heeft wellicht een punt hier.
In deel 2 laat hij de observatie voor wat het is en tracht hij de opgang van de natie te verklaren. In feite beperkt Elchardus zich tot de context van de periode direct na WO II, waarin ‘broederlijkheid’ heerste na zoveel doorstane oorlogsellende. Deze naoorlogse jaren tot aan de jaren 70 hebben de basis gevormd van onze welvaartstaat, de economische vooruitgang was spectaculair, en de succesformule bleek de wereld te inspireren. Koloniale mogendheden werden verdreven, de USSR viel uit mekaar, etc. Door verbondenheid tussen broeders heeft de natie zich kunnen ontplooien.
In deel 2 beschrijft hij ook het failliet van de andere vormen van groot identiteitsstreven binnen de Europese context en combineert hij dit met de observatie dat de natiestaat een belangrijke motor is gebleken om gemeenschappen te mobiliseren kort na de 2de WO. Om dan te besluiten dat binnen de Europese context nationalisme de enige levensvatbare identiteit is dat zich binnen de staat kan handhaven.
Zonder daar een waardeoordeel aan toe te kennen, kan je stellen dat Elchardus gelijk heeft in zijn betoog. Het kleine identiteitsstreven is door haar particularisme per definitie niet gemeenschapsgericht, en de andere grote identiteitsstreven stellen de mens niet centraal en zijn dus bij voorbaat uit te sluiten.
Het probleem is dat dat hij geen gelegenheid nalaat om de andere identiteiten (al dan niet terecht) te kleineren en dubieuze uitspraken te doen. Zo stelt hij: ‘Vandaag richt het katholieke imperialisme zich vooral op het moreel verantwoorden en steunen van illegale immigratie als de nieuwe vorm van grensvervaging. Talrijk zijn de priesters die hun kerkgebouwen ter beschikking van illegale immigranten stellen en zo steun voor illegale migratie voorstellen als een religieuze en morele plicht.’
2 bedenkingen bij deze passage: het lijkt alsof Elchardus gelooft dat er een wereldwijd complot is binnen de katholieke kerkgemeenschap dat droomt om haar imperialistisch rijk terug te verwezenlijken en daarvoor massaal immigratie faciliteert opdat de staten finaal ineen stuiken. Ten tweede lijkt het me dat het openstellen van kerken voor illegale migranten eerder een gebaar is van menslievendheid bij gebrek aan een falend migratiebeleid van … de natie.
Het probleem is dat deel 2 vol zit van dit type van opmerkingen die me de wenkbrauwen doen fronsen.
Rond het door nationalisme gedreven identiteitsstreven rept Elchardus met geen enkel negatief woord. Dat Joegoslavië uiteenviel in 6 nieuwe staten wordt als een argument beschouwd dat natiestreven niet dood is. Maaar dat dit gepaard ging met een ontzettende ellende in het hart van Europa wordt niet één keer aangehaald. Het natiestreven wordt door Elchardus ontzettend geromantiseerd, en op geen enkele wijze geproblematiseerd.
Dit is het punt dat ik even rust moet nemen om al de informatie te verwerken en dat ik twijfel of het nog de moeite is om verder te lezen, ik heb De Wever zijn boek niet gelezen, maar dit boek zou perfect van zijn hand kunnen komen.
Het boek is boeiend geschreven en uiteindelijk wil ik toch weten naar welke eindconclusie hij neigt, ik beslis dan ook om verder te lezen.
En dan moet ik dus nog aan hoofdstuk 10 starten. Hoofdstuk 10, het laatste hoofdstuk van deel 2, leest als een afrekening met de islam binnen Europa. De droom van een Europese of gematigde islam is ondertussen helemaal stukgeslagen door de nieuwe realiteit. De fundamentalistische stromingen winnen aan belang, het aandeel van Europese moslims dat de islam liever boven de wet ziet is hallucinant.
De cijfers zijn wat ze zijn, we kunnen daar flauw over doen, maar ze wijzen terdege op een groot probleem. Terwijl Europa een seculariserende evolutie doormaakt tav het christendom, zorgt de instroom van grote groepen moslimmigranten net voor het tegendeel: religieuze identiteit is belangrijk (tot 95% van de (nieuwe) Belgen met een Marokkaanse & Turkse origine), kritiek op de Islam wordt als kwetsend ervaren, geloof moet letterlijk worden beleefd (40%) en de publieke ruimte zou best ook zo worden ingericht, tot een derde ziet liever een wetgeving gebaseerd op de Koran, en tot 10% zou gewelddadige Jihad op de een of andere manier goedkeuren. Tenzij de cijfers worden tegengesproken, kan niemand dit als niet problematisch beschouwen. Of alleszins ingaan tegen het project dat de West Europese maatschappij is ingeslagen. Ik ga er hier niet verder op ingaan, maar tenzij hij in de verdere delen van zijn boek dit niet verder kwalitatief zou uitdiepen, lees ik hier wat Van Grieken zelf continue roept: omvolking.
Wat me stoort in het discours is dat men de problemen van de Islam afzet tav de voordelen van een identiteitsstreven op basis van een natie. Het superieure van het ene wordt als het ware afgeleid van het failliet van een ander. Terwijl er toch legio voorbeelden zijn die het destructieve karakter van natiestreven duiden? Ik weet op moment van lezen niet wat Elchardus zijn standpunt verder in het boek is rond de Vlaamse ontvoogdingsstrijd, maar je kan toch niet anders stellen dat die strijd vandaag voornamelijk het Belgische functioneren eerder belemmert dan vooruitbrengt? De Maddens doctrine bijvoorbeeld gaat toch expliciet uit van een verrottingspolitiek en vindt zijn oorsprong niet uit broederlijkheid met anderen? Herinner u dat broederlijkheid als een fundament van het natiestreven wordt beschouwd, maar broederlijkheid kan blijkbaar zeer eng beperkt worden tot bepaalde particuliere eigenschappen zoals … het territorium waar men zich bevindt, al wonen we samen op een zakdoek groot. De Maddens-doctrine wil daarentegen doelbewust kapotmaken om dan op de puinhopen van tientallen jaren non beleid de macht over te dragen aan…een elite die graag met zwart gele vendels zwaait?
Ook de oorlog in Joegoslavië was er toch een van concentratiekampen, volkerenmoorden en bloedige burgerexecuties? Akkoord, Joegoslavië werd kunstmatig bijeengehouden onder het communistische bewind, maar het natiestreven na de val kon toch bezwaarlijk als groots worden beschouwd?
Nogmaals, veel van wat Elchardus in deel 2 poneert is zinvol, maar hij misbruikt het falen van bepaalde sociologische fenomenen om dan als het ware bijna verafgodend te gaan voor een natie streven als enige sleutel tot ons geluk. Wat mij betreft vervangt hij de ene god door een andere. Zolang het natiestreven samenvalt met de grenzen van de staat is er geen probleem, maar het natiestreven van vandaag heeft eerder tot doel om binnen eenzelfde staat, volkeren tegen mekaar op te zetten. Niets romantisch aan.